Op de zee gewonnen Flevoland

Toerisme is een van de belangrijkste mogelijkheden om te ontspannen. Je kunt het op vele manieren beleven: te voet, per kano, op de fiets, met de auto, boot of vliegtuig; je kunt één dag ergens naartoe of logeren in een B&B, jeugdherberg, camping of hotel; je kunt er alleen op uit trekken of met je gezin of met vrienden; het binnenland kan je bekoren of verdere bestemmingen, naar de zee of de bergen in. Zoveel mogelijkheden die maken dat de wereld niet langer vreemd voor je is, maar dat je andere mensen en bevolkingen leert kennen, andere gewoontes, andere culturen. We trachten je in deze rubriek enkele bekende en minder bekende pareltjes voor te schotelen die je zin doen krijgen om er op uit te trekken.  

– Karel Meuleman

 

Onlangs heb ik voor Govaka-Pasar opnieuw een fietsvakantie begeleid in het Nederlandse Almere aan het IJsselmeer. Deze ideale fietsomgeving ligt op een goeie 200 kilometer van Brussel en is makkelijk bereikbaar via de autoweg. Almere ligt in de Flevopolder, nieuw, op de zee gewonnen land. Het leent zich ’t best om het met de fiets te verkennen. Je rijdt er 5 meter onder zeeniveau, langs schitterende natuurgebieden en heerlijke waterplassen meestal over eigen, brede fietspaden. Uiteraard ontbreken er ook niet de typische dorpjes en stadjes. 

Van waar je Almere ook binnenkomt, het eerste wat opvalt, is de weidsheid van het landschap. Na de kennismaking met de natuur, komt Almere zelf in zicht, de snelst groeiende stad van Europa. Door de combinatie van deze twee elementen, natuur en stad, biedt Almere het beste van twee werelden! Almere is met 190.000 inwoners de achtste stad van Nederland, uit het niets gebouwd op de bodem van de Zuiderzee. 90 % van de bewoners zijn jonger dan 65. Een bijzondere stad die moderne architectuur combineert met grote bossen, veel water en wel 200 kilometer fietspaden.

 

Geschiedenis

Flevoland, de provincie waar Almere deel van uitmaakt, is de jongste provincie van Nederland. Door inpoldering van de Zuiderzee is Flevoland ontstaan. Dat inpolderen gebeurde niet van de ene op de andere dag. De uitvoering van dit plan (de Zuiderzeewerken) gebeurde in fasen en duurde zo’n driekwart eeuw! Daarmee zijn de Zuiderzeewerken ook het grootste waterbouwkundige project ooit. Aanleiding om de Zuiderzee in te dammen, was het gevaar van het oprukkende water; denk maar aan de februaristorm van 1953.

Waar nu het IJsselmeer, Markermeer en de provincie Flevoland zijn, was eerst de Zuiderzee. Die zee is ontstaan rond het jaar 1200. Ze sloeg af en toe hard toe op de eilanden, zoals Urk en Schokland. Ook overstroomden regelmatig stukken land met zeewater. Al in de 17e eeuw maakte men plannen om de Zuiderzee te temmen. Het duurde nog tot in de 19de eeuw voor iemand een idee bedacht dat echt kon worden uitgevoerd. Een groep belangrijke bewoners was ontevreden over wat de regering deed aan de Zuiderzee. Zij richtten in 1886 de Zuiderzeevereniging op. Het doel van die vereniging was geld in te zamelen. Ze wilden onderzoek laten doen naar drooglegging van de polders. Mede door dit onderzoek kwam in 1918 de Zuiderzeewet er. Daarin legde men vast dat men de Zuiderzee zou afsluiten en droogleggen. Dè grote man achter heel dit project was ingenieur Lely; naar hem werd later ook Lelystad genoemd. De lelie in de vlag van Flevoland is zijn familiewapen.

In 1920 startte de bouw van de dijk naar het toenmalige eiland Wieringen. Dit was de eerste stap in de afsluiting van de Zuiderzee. In 1930 was de polder Wieringermeer klaar, als eerste van de nieuwe polders. 

In 1927 begon de aanleg van de Afsluitdijk. Een dijk van 30 kilometer leggen midden op zee is geen kleinigheid. Men koos ervoor om op vier plaatsen te werken. Uiteraard vanaf beide oevers, maar ook vanaf twee speciaal aangelegde werkeilanden. Als fundering voor de Afsluitdijk gebruikte men zinkstukken, grote matten, gevlochten van wilgentenen. Met grote blokken steen verzwaarde men deze matten tot ze naar de zeebodem zonken. Op deze fundamenten kon men dan verder bouwen. Het werk vorderde prima en in 1932 kon men het laatste gat in de Afsluitdijk sluiten. De Zuiderzee was een meer geworden. Men wijzigde dan ook de naam in ‘IJsselmeer’. In de Afsluitdijk bevinden zich sluizen, waardoor men het water kan lozen in de Waddenzee.

 

Scheepsarcheologie

Her en der vond men scheepswrakken in de drooggelegde polders. In de Nederlanden gebeurde het transport van mensen en goederen eeuwenlang vooral over water. Dit was goedkoper en sneller dan transport over land. De Zuiderzee speelde daarbij een belangrijke rol; het was het kloppende hart van de economie in de Lage Landen. Zonder dit gigantische verkeersplein met zijn intensieve scheepvaart zou de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden misschien wel nooit haar Gouden Eeuw (1600-1700) hebben gekend. Daarnaast was de visserij op de Zuiderzee een belangrijke bron van voedsel en inkomsten. De Zuiderzee was één van de visrijkste wateren ter wereld en de kraamkamer van Noordzeevis.

Maar... de vele ondiepten, zandplaten en dichtslibbende vaargeulen maakten van deze binnenzee wel een behoorlijk gevaarlijk verkeersplein. Bovendien kon het bij slecht weer lelijk ‘spoken’ op de Zuiderzee. Bij stormen zijn honderden schepen met man en muis vergaan. Veel van deze schepen waren zo zwaar dat zij snel in de zachte zeebodem wegzonken. Vervolgens raakten de wrakken langzaamaan met zand en klei bedekt. Met hun inventaris en lading bleven ze eeuwenlang in de zeebodem liggen.

In de bodem van de Flevolandse polders zijn bij diverse werkzaamheden — het leggen van drainagebuizen en graven van sloten, de bouw van huizen, de aanleg van riolering en het bewerken van land voor de akkerbouw — veel verrassende scheepsarcheologische vondsten gedaan. In Flevoland trof men zo 435 scheepswrakken met daarin 33.000 voorwerpen! Ook kwamen veel voorwerpen boven die tijdens een storm van het dek van een schip zijn gespoeld of overboord zijn gegooid. De provincie Flevoland is één van de grootste “droge” scheepskerkhoven ter wereld: het is één grote scheepsarcheologische schatkamer! Vindplaatsen van scheepswrakken herken je in het landschap aan de palen met daarop een silhouet van een schip.

 

Een rondje fietsen

Je verkent het gebied dus best per fiets. Eén van de mooiste gebieden die je zo kunt bezoeken, zijn de Noorderplassen. Op je route combineer je fantastische architectuur met natuurschoon. Het BoatHouse is daarbij een prima pleisterplaats om te rusten, even na te praten of te genieten van de ondergaande zon, uiteraard bij ’t genot van een drankje of een lekkere maaltijd. Iets meer naar het noorden heb je de Lepelaarplassen en het Wilgenbos; ze behoren tot de mooiste plekjes van Almere. De plassen zijn vernoemd naar de grote kolonie lepelaars die hier sinds de jaren zeventig leeft. Via de Oostvaardersdijk bereik je bezoekerscentrum De Trekvogel. Hier lopen wandel- en fietspaden die langs tal van bijzondere ‘vogelspotpunten’ voeren. Wie geluk heeft kan het allemaal zien: van grauwe gans tot kuifeend en van lepelaar tot fuut. Bij de buurman valt ook veel te beleven. Het dieselgemaal De Blocq van Kuffeler aan de Oostvaardersdijk is het grootste gemaal van Nederland en in zijn soort zelfs een van de grootste ter wereld. Het werd in 1967 in gebruik genomen om de laatste van de drie polders droog te malen, namelijk Zuidelijk Flevoland. 

Het is merkwaardig dat je hier overal wandelt of fietst waar vroeger zee was. Ook de bossen zijn aangelegd op de voormalige zeebodem. Chapeau voor het vernuft van de Hollanders! Het Hulkesteinse bos bestaat uit een gemengd loofbos, waarin ook veel zand- en veenkuilen te vinden zijn. Hier leeft een grote populatie reeën en een scala aan zeldzame planten, zoals dwergviltkruid, ronde zonnedauw en moeraswespenorchis. Het Horsterbos (Horsterwold)

is alleen al noemenswaardig omdat dit het grootste loofhoutbos van Nederland is. Daarmee is het bos goed voor een behoorlijke houtoogst; de oudste bomen zijn hier hooguit een jaar of dertig oud, maar toch zien ze eruit of ze hier al honderden jaren staan. De zeeklei waarop de bomen ‘verbouwd’ worden, is namelijk bijzonder vruchtbaar. Om de bodem ook geschikt te maken voor andere boomsoorten, plantte men eerst populieren en wilgen. Later plantten kinderen tijdens verschillende boomfeestdagen ook essen, esdoorns en eiken.

Tussen en in de bomen leven honderden vogels. Blauwborsten en grauwe klauwieren broeden hier hun eieren uit en in de winter nestelen klapeksters en ruigpootbuizerds tussen de takken van de bomen. Paddenstoelenzoekers kunnen tussen de bomen ook flink hun hart ophalen; met meer dan 1.100 soorten zullen zij telkens opnieuw verrast worden door zeldzame soorten als geurige schijnridder en verslippige aardster.

 

Oostvaardersplassen

Nergens in Europa vind je een natuurlijker moerasgebied in betere staat dan de Oostvaardersplassen. Rietvlaktes, ruige graslanden en open plassen vormen een paradijs voor vele vogelsoorten, van watervogels zoals lepelaars en ganzen tot vele roofvogels. De Oostvaardersplassen staan dan ook voornamelijk bekend om de gigantische kolonie aalscholvers en als broedplaats voor de zeearend. Daarom ook is het grootste gedeelte van dit 6000 ha grote natuurgebied beschermd en dus afgesloten.

Grote grazende kuddes wild zijn kenmerkend voor het gebied. Edelherten, Heckrunderen en konikpaarden leven hier in het wild en begrazen de drassige velden, waarmee ze het dichtgroeien van de natuur voorkomen. Wanneer je door de Oostvaardersplassen fietst, is het geen uitzondering wanneer je grote kuddes paarden, koeien of een eenzame stier in het landschap ziet. Maar ook reeën, vossen, konijnen en andere kleinere zoogdieren scharrelen hun kostje bij elkaar tussen de plassen in het gras en riet.

Op diverse plaatsen huur je makkelijk een fiets, al dan niet elektrisch, bijvoorbeeld in het voortreffelijke Van der Valk hotel (je eet en slaapt er prima en in stijl; zie www.hotelalmere.nl); als Vlamingen, verwend op culinair vlak, komen we er zeer goed aan onze trekken. Voor mij was het de eerste keer dat ik elektrisch reed en ‘k moet zeggen: het viel geweldig mee. Ik kan nu de mensen begrijpen die zeggen dat ze graag fietsen!  

Tip: vlak bij Lelystad heb je de shopping outlet Batavia Stad. 50 m verder ligt de Bataviawerf: een scheepswerf met bijzondere ambities; men reconstrueert er schepen uit de Gouden Eeuw die belangrijk zijn geweest in de Nederlandse maritieme geschiedenis. Dit erfgoed is destijds wegens de beperkte levensduur gesloopt of ligt als scheepswrak op de bodem van de zee. De Bataviawerf haalt de geschiedenis graag boven water. Na de voltooiing van de Batavia in 1995 begon men op de werf met een tweede project ‘De 7 Provinciën’, een 17de-eeuws admiraliteitsschip waar Michiel de Ruyter vele zeeslagen mee heeft gevoerd.

Karel.Meuleman@telenet.be